/var/www/vhosts/compactcarshow.nl/httpdocs/media/background/Citroën 110 jaar fabrikant van ‘Creative Technology’ .jpg

Citroën 110 jaar fabrikant van ‘Creative Technology’

 

De van meet af aan al succesvolle C4 Cactus is origineel met zijn airbumps in de portieren en bumpers. Dit in combinatie met een eigenzinnig minimalistisch retro interieur dat op functionaliteit is afgestemd met een groot centraal aanraakscherm voor de bediening van airco, audio en boordcomputer. Vanaf meet af aan is Citroën een van de meest creatieve autofabrikanten, zowel qua in- en exterieurdesign en toepassing van vernieuwende technologie. De huidige Citroën C4 Cactus B-segment crossover is daarvan een goed voorbeeld, maar het meest bekend is het Franse merk van de vooroorlogse puur functionele 2CV ofwel Lelijke Eend, die daarna een lange evolutie kende tot liefst 1990. De in 1955 verschenen grotere DS was destijds een sensationele auto qua stroomlijn en boordevol innovatieve details, zoals een compleet nieuw hydropneumatisch veersysteem op basis van olie en gas, dat werd doorontwikkeld voor latere, grotere typen. Het merk heeft veel ups en downs gekend, maar wist toch steeds weer te verrassen met nieuwe, vooral compacte modellen. In dit artikel gaan we in vogelvlucht door de historie van Citroën aan de hand van de meest bekende modellen.

Pionier in massaproductie

De drijvende kracht achter en naamgever van Citroën was de in 1878 geboren ingenieur André Citroën. Met zijn in 1900 gekochte productiepatent voor het 'double chevron', tandwielen met dubbele schuine vertanding voor de auto industrie en scheepvaart, is hij bekend geworden. Tijdens de Eerste Wereldoorlog introduceerde hij de Amerikaanse ideeën van massaproductie voor munitie in Europa en paste deze vanaf 1919 ook toe in zijn eigen autofabriek. Innovatief is het eigenzinnige automerk Citroën altijd gebleven. André Citroën startte in 1905 zijn eigen tandwielfabriek, waarna hij in 1908 directeur werd van het noodlijdende automerk Mors. In 1915 bouwde hij een munitiefabriek met een lopende band techniek voor een productiecapaciteit tot 55.000 granaten per dag. Dit leverde hem de benodigde middelen op om in 1919 met dezelfde productiemethode een autofabriek te starten. Het 4-persoons Type A met 10 pk sterke 1.327 cc motor was de eerste Citroën. Hierna volgden het grotere Type B met  een 1.453 cc krachtbron en in 1922 de lichtere 5CV ofwel Klaverblaadje met een 855 cc motor. Tussen 1922 en 1926 werden mede vanwege de bijzondere manier van reclame maken ruim 80.000 stuks gebouwd van dit model. Bekend werd Citroën met diverse culturele expedities, zoals die met de Kégresse rupsvoertuigen dwars door de Sahara in 1922. Drie jaar later verscheen de B10 als eerste Franse model met geheel stalen koetswerk. Van de C-serie was de C6 uit 1928 met een 2.442 of 2.650 cc 6-cilinder het meest opmerkelijk.

Succes geprolongeerd

Als geniale ingenieur bleek Citroën niet alleen innovatief qua techniek en styling, maar ook een maatschappelijk bewogen mens. Hij introduceerde de eerste autodealers en leasing en financiëringsmogelijkheden in Europa in 1920. Een jaar later schonk hij de Franse staat de eerste 165.000 wegwijzers. In 1923 volgden de eerste Citroën speelgoedauto's, in 1927 een 13e maand voor zijn werknemers, de eerste autoradio in 1928 en de volledige jaargarantie op auto's in 1929. Allemaal zaken die zijn werknemers en automobilisten ten goede kwamen. In 1933 werd in 4 maanden tijd met de 8 pk Petite Rosalie liefst 300.000 km afgelegd op het circuit van Linas-Monthléry met een gemiddelde snelheid van 93 km/u. Tevens verscheen een 15 pk model met de nieuwe moteur flottant. Het grote succes kwam met de in 1937 gelanceerde, revolutionaire 7CV Traction Avant met voorwielaandrijving. De hoge ontwikkelingskosten brachten Citroën echter op de rand van een faillissement, waarna Michelin het merk in 1934 overnam. De straatarme en aan kanker lijdende André Citroën blies op 3 juli zijn laatste adem uit.

Legendarische modellen

Tussen 1934 en 1940 waren er liefst 21 Traction Avant versies met de 7CV en 11CV met 4-cilinders en een 15CV 6-cilinder. Na de Tweede Wereldoorlog werd de productie ervan hervat. Op basis van een prototype in 1936 verscheen pas in 1949 de befaamde 2CV als Spartaans autootje met 375 cc luchtgekoelde boxermotor met voorwielaandrijving. Het succes werd in 1954 vergroot door de Traction Avant 15H met hydropneumatische vering. Een jaar later werd dat ook toegepast op de legendarische DS19, waarvan in 1956 een vereenvoudigde ID19 versie verscheen als vervanger van de Traction Avant. In 1961 werd op basis van de 2CV een luxueuzere Ami 6 gelanceerd en in 1967 volgde de DS21. De hoekiger Dyane zag als tweede 'luxe' 2CV-variant in 1968 het daglicht, evenals de Mehari met een kunststof koets als open terreinwagen versie. Dat jaar nam Citroën ook de leiding over bij Maserati, wat leidde tot de excentrieke SM 2+2 coupé met een 2.675 cc V6 van Maserati. De kleinere 4-deurs GS uit 1970 was een belangrijk middenklasse model met een luchtgekoelde 4-cilinder voorin en hydropneumatische vering. Pas in 1975 werd de succesvolle DS opgevolgd door de super gestroomlijnde CX 2000, die later ook met 2.2, 2.4 en 2.5 liter 4-cilinders verscheen. Medio 1975 kwam het failliete Citroën onder beheer van Peugeot, wat leidde tot de PSA Groep. Eerste resultaat was de compacte Citroën LN met een 3-deurs Peugeot koets en een luchtgekoelde Citroën motor. De door Bertone ontworpen BX werd een populaire middenklasser met een voor die tijd opmerkelijk royaal gebruik van lichte kunststof koetsmaterialen. In 1978 kreeg de 2CV techniek een nieuw modern design met de 5-deurs Visa. Na de in Roemenië gebouwde Axel verscheen in 1987 de AX als eerste echt compacte model met een watergekoelde Peugeot motor en een strak Citroën jasje. Als opvolger van de grote CX werd in 1989 de eigenzinnige XM gelanceerd als nieuw topmodel met een verbeterde hydropneumatische vering en nieuwe motoren.

Vernieuwde designstijl

In de jaren'90 raakte het innovatieve en eigenzinnige karakter van Citroën wat op de achtergrond dankzij de Peugeot techniek en een strakker design. De tijd dat er eens in de 10 jaar pas een nieuw model verscheen was voor goed over. De diverse wat meer conventionele modellen voor de massa waren de strak gelijnde 5-deurs ZX in 1992 en de Xantia in 1993 als opvolger van de BX. Het topmodel Xantia kreeg een geavanceerd Hydractief II veersysteem met computergestuurde hydrauliek mee voor een optimaal compromis tussen comfort en sportiviteit. In 1996 werd de compacte Saxo op basis van de Peugeot 106 het nieuwe instapmodel. Na de eerste grote Evasion MPV in 1994 werd in 1996 samen met Peugeot het nieuwe bestelwagenconcept Berlingo/Partner gelanceerd met de Multispace als ruime personenwagen versie..De komst van de nieuwe HDI-dieselmotor was een belangrijke technische stap vooruit. De ZX kreeg de minder hoekig gelijnde Xsara als opvolger in 1997 en in 1999 werd als midi-MPV de succesvolle Xsara Picasso ruimtewagen gelanceerd.

Uitgebreide C-typenreeks

Na het Millennium timmerde Citroën verder aan de weg met een nieuwe stijl auto's met C-typenaam, zoals in de jaren'20. De grote, gestrekte C5 beet in 2001 het spits af als eigentijdse DS opvolger. De compacte en hoge C3 was een jaar later bedoeld als moderne reïncarnatie van de succesvolle en lang gebouwde 2CV. De multifunctionele C3 Pluriel was om te toveren van een hatchback naar een cabrio of pick-up, maar bleek echter geen succes vanwege de wat complexe dakdelen. Het hoekige Evasion ruimtewagen concept werd in 2002 opnieuw uitgewerkt en vervolgd met de C8 MPV. De C4 middenklasser verving in 2004 de Xsara. Met de gezamenlijk met Peugeot en Toyota ontwikkelde C1 instapper toonde Citroën een jaar later weer zijn eigenzinnigheid. In 2004 verscheen de iets grotere C2 3-deurs stadswagen met een karakteristieke knik in de zijraamlijn. In 2006 werd de ruime, luxe en comfortabele C6 limousine boordevol technische snufjes als nieuw topmodel gelanceerd met een eigen stijl in de geest van de CX met gebogen achterruit. De populaire Xsara Picasso kreeg in 2006 als modernere midi-MPV gezelschap van de srakker gelijnde C4 Picasso. De wat minder fantasierijke C-Crosser SUV uit 2007 en de kleine C-Zero elektrische stadsauto uit 2010 worden bij Mitsubishi ingekocht. Met de vernieuwde, nogal Duits ogende C5 met onderhuids Franse flair lanceerde Citroën in 2008 een stijlvolle zakenauto. Voor de vrijetijdsmarkt is er vanaf 2009 de flitsende C3 Picasso mini-SUV of maxi-MPV.

DS premium modellijn

Ronduit verrassend was de lancering van de compacte 3-deurs DS3 in 2010 op basis van de vernieuwde C3 als sportief nichemodel en tegenhanger van de succesvolle MINI Cooper. Ook in de autosport heeft de DS3 zijn sporen verdiend. Met de 5-deurs DS4 hatchback \c-segmenter op basis van de 2e generatie C4 combineerde Citroën opnieuw een aansprekend gezicht met een sterk verbeterde productiekwaliteit en luxueuze afwerking. Het DS5 topmodel is er met pittige turbobenzine 4-cilinders, zuinige en krachtige (Blue) HDI-turbodiesels en een snelle, innovatieve Hybride4 topversie. Met de DS typen is Citroën opvallend succesvol in China en er wordt gewerkt aan een eigen DS-premiumdealer netwerk naast de reguliere C-modellen die eronder zijn gepositioneerd. Samen geven deze twee uiteenlopende modellijnen succesvol vorm aan een nieuw en onderscheidend merkgezicht. 

Citroën geeft DS eigen merknaam

Met de verzelfstandiging van DS tot apart automerk krijgt het PSA concern als derde pijler een nieuw premium label. Peugeot blijft het belangrijkste volumemerk dat zich sterker gaat positioneren als het Franse alternatief voor Volkswagen. Met de nieuwe 308 als bestseller lijkt dat al goed te lukken. Dit betekent automatisch dat Citroën een stapje terug zal moeten doen, want de modellen zullen het vooral van hun sympathieke prijs moeten hebben. Een mooi voorbeeld daarvan is de nieuwe C4 Cactus, die functionaliteit aan stijl koppelt. Een messcherpe prijs kan alleen gerealiseerd worden bij productie buiten het dure Frankrijk. Deze ontwikkeling is nu al gaande want de C1 en C3 worden gebouwd in Tsjechië en de C4 Cactus in Spanje. Alleen Citroën middenklassers komen nog uit Frankrijk, maar deze modellen, zoals de C5, worden niet vervangen. Dat betekent dat het merk van de double chevron zich terug trekt uit het D-segment en dat de C4 Grand Picasso het vlaggenschip wordt. Dat betekent dat Citroën de door haar bedachte DS modellijn niet meer kan laten schitteren, want het DS label wordt bóven Peugeot gepositioneerd. DS moet hét visitekaartje van de Franse auto-industrie worden: stijlvol, chique en met een prijskaartje dat productie in eigen land mogelijk maakt.

Exclusieve ‘DS Salons’

'DS' als merknaam is kort en krachtig en even doeltreffend dan MG of VW. Officieel is DS geen merk, maar een automodel. Dat komt vaker voor, denk aan Jeep, Land Rover en Mini. Iconische modellen kunnen blijkbaar uitgroeien tot zelfstandig merk en dat is ook de bedoeling met DS. Citroën is wereldberoemd geworden met klassiekers als de Traction Avant, 2CV en de DS ('Déesse'). Deze gladde, gestroomlijnde schepping van Flaminio Bertoni is nooit meer geëvenaard, ook niet door Citroën zelf. Een dergelijke status van de DS biedt natuurlijk een uitstekende basis voor een kansrijk commercieel vervolg van de bijna mythische verschijning op 4 wielen. Vijf  jaar geleden werd DS nieuw leven ingeblazen met een serie premium Citroën modellen: eerst de DS3 als antwoord op de herinterpretatie van BMW’s Mini en later volgden de DS4 en DS5. De verkoopteller staat nu op ruim 500.000 stuks. Het succes van de DS modellen smaakt dus naar meer. In China is DS inmiddels een apart merk en nu is Europa aan de beurt. De toekomstige modellen moeten op eigen kracht, dus zonder Citroën logo klanten gaan verleiden en verkocht worden via een eigen dealernetwerk. Hyundai is overigens op termijn iets soortgelijks van plan met Genesis. Nu is dat nog een duur model, maar dat zal transformatie tot een volwaardig alternatief voor Acura (Honda), Infiniti (Nissan) en Lexus (Toyota). En wie weet waar de plannen van Ford met Vignale toe leiden. Anders dan Lexus zal DS niet kiezen voor 'virtuele' exclusiviteit die wordt gedragen door een ‘red carpet’ dienstverlening. Het nieuwe premiummerk maakt ook geen macho prestatiemodellen, zoals de M reeks van BMW of het Mercedes-Benz AMG gamma. Yves Bonnefont, de eerste CEO van DS, zegt de bestaande premium 'gedragscode' niet te zullen imiteren, maar een eigen weg in te slaan. Kernthema's zijn een smaakvol, verfijnd design en subtiele technische details. De verkoop zal plaatsvinden via exclusieve 'DS Salons' bij geselecteerde Citroën dealers, volgens een zogeheten shop-in-shop formule. Daarnaast zal het nieuwe merk kiezen voor andere vormen van publiciteit dan Citroën, bijvoorbeeld sponsoring van modeshows.

Compacte Devine showwagen

In een dergelijke setting past ook de Devine als oogverblindende schepping van ontwerper Thierry Metroz. In het model (dat alle merk DNA in zich heeft) ontbreekt een traditioneel dashboard, evenals het in premiumkringen voorspelbare gebruik van notenhout. In plaats daarvan is het interieur aangekleed met soepel Seton leder en bekledingsstoffen waarop Swarovski kristallen zijn geborduurd: verfrissend, très chique en heel Frans. Helaas heeft PSA geen concrete productieplannen voor de Devine, want anders zouden chique vrouwen er om vechten. De Devine is bedoeld om ontwerpdetails bij het publiek te testen. De kans is groot dat de volgende generatie DS3 ook leverbaar wordt in een (verlengde) 5-deurs uitvoering, waarin designelementen van de 4,21 m lange Devine overgenomen zullen kunnen worden. Het 1,35 m hoge studiemodel is voorzien van een 270 pk 1.6 liter turbomotor met 330 Nm trekkracht die als iets minder potente motor de huidige DS3 Racing aandrijft. De Devine heeft geen Citroën logo, maar een DS badge. Een combinatie van verschillende chroomnuances op zwevende elementen in de vorm van diamanten in verschillende maten geven de grille een ‘spacy' effect. Opvallend is de afwezigheid van een achterruit. In plaats daarvan is er een camera waarvan het beeld wordt geprojecteerd op een scherm in achteruitkijkspiegelvorm. Het dak is bekleed met materiaal dat doen denken aan de schubben van een reptiel die onderling verschillen. Sommige zijn mat, andere gesatineerd of (on)doorzichtig voor een unieke lichtval. Optisch lijkt de Devine wel wat op de Alfa Romeo Brera. Binnenin zijn de ontwerpers nog verder gegaan. Het studiemodel kan middels Hypertypage binnen 15 minuten een totaal andere interieursfeer aanmeten. DS noemt de 3 ontwikkelde stijlen Male, Parisienne Chic en Fatale Punk. Male is de stoerste versie waarbij veel carbon wordt gebruikt. Bij Parisienne Chic is leer en geplooid zijde volop aanwezig en is er een door Lesage geborduurd patroon aanwezig op de deurpanelen. Fatale Punk biedt de eerder genoemde aankleding met Swarovski Crystal stof plus gewatteerd, met juwelen bezet leer. De DS Devine is extreem, maar voor een showmodel dat niet in productie zal gaan, maakt dat niet uit. In Europa heeft de auto-industrie, en tot voor kort ook PSA, het moeilijk. In Groot-Brittannië vielen tot in de jaren’80 de meeste slachtoffers, maar dankzij Bentley, Jaguar Land Rover en MINI heeft dit land een succesvolle comeback kunnen maken. Iets soortgelijks zien we nu in Italië, waar Maserati floreert als nooit tevoren. Indien er wordt aangehaakt bij de machtige Duitse concurrentie, dan is er goede hoop dat ook Alfa Romeo dit gaat lukken. De kracht van het socialistische Frankrijk ligt bij kleinere auto's. De relatief compacte Devine met conventionele 1.6 liter 4-cilinder turbomotor laat zien dat 'rijden als godin in Frankrijk' niet de hoofdprijs hoeft te kosten. En juist daarin ligt de toekomstige kracht van DS, waarbij Peugeot de burgermans modellen voor zijn rekening neemt. 

CabrioVaria
Autoservice Deinum: meer dan een halve eeuw Automobielkennis! Peugeot Darl' Mat 402 roadster uit de jaren
JB Autoservice gespecialiseerd in VW, Audi, Seat en Skoda.
Garage Bonhof, APK, keuring station, en airco specialist in EPE. Alle occasions voor u geselecteerd. Vertrouwd een auto kopen doet u bij Garage Bonhof in Epe.
WWW.ARTVO.NL, sterk in elk merk maar gespecialiseerd in klassieke Renaults.
Uw Peugeot Specialist in Midden Nederland voor onderhoud, tuning en maatwerk.
VICTRACE staat voor VICTORIE & RACE = VICTRACE. Sinds 1986 heb ik mij bezig gehouden met het verfilmen van Historic- & Classic Car & Motorcycle events in binnen- & buitenland.
Joop Stolze Classic Cars in De Lier
Advertentie Ruimte 270 x 125 pixels
European Veteran Rally
Advertentie Ruimte 125 x 125 pixels